NATUURGEBIEDEN LIEMPDE
LANDGOED VELDER - VELDERSCH BOSCH

Update: 24 december 2008
Landgoed Velder
Bezoekersinformatie
Landgoed Velder ligt ten zuiden van Liempde en is een van de belangrijkste
natuurgebieden van Nationaal landschap HET GROENE
WOUD. Het gebied is 180 hectare groot, waarvan 27 hectare aan de oostzijde van de
spoorlijn ligt. Het landgoed is op wegen en paden vrij toegankelijk voor wandelaars en
fietsers. Het landgoed is in eigendom van de familie Van Boeckel. Op enkele open terreinen
vinden een paar keer per jaar grote festiviteiten plaats, onder andere Circo Circolo en
het Streekfestival Het Groene Woud.
Karakterschets
De naam Velders Bos is afkomstig van veld: woest, onbebouwd, ongecultiveerd. Een laar is
een stuk in een boomrijk gebied of bos dat geleidelijk aan gebruikt gaat worden door mens
en huisdier (het gebied is de eerste keer vernoemd als Vellaer in Bossche Protocollen
1382-1387 deel 1177, waarschijnlijk in 1384) (misschien eerder bekend als Ten Velde). In
1487 Veller genoemd. Landgoed Velders Bos is waarschijnlijk in de
loop van de 17e eeuw ingericht als landgoed. De dikste eiken op het landgoed
hebben een omtrek van circa 3 meter Dit duidt op een leeftijd van minstens 250 jaar.
Waarschijnlijk is dit gebied ook altijd bos geweest. Door dit langdurige boskarakter zijn
vele zeldzaamheden bewaard gebleven Dit bleek onder ander weer tijdens de inventarisatie
naar autochtone struik- en boomsoorten in 2007, er werden voor Brabant unieke soorten
gevonden. Behalve een hoge natuurwaarde heeft Landgoed Velder ook een erg hoge
cultuurhistorische waarde. Uniek zijn wel de rondliggende (soms dubbele) grenswallen te
noemen, deze zijn waarschijnlijk vroeg-Middeleeuws en daarmee stukken ouder dan de
Sint-Jan. Deze werden gebruikt om van Landgoed Velder een jachtgebied te maken. In de
Middeleeuwen was Landgoed Velder een Warande en werd er door de plaatselijke heersers op
edelherten en everzwijnen gejaagd, de wallen werden met o.a. meidoorns zodanig ingeplant
dat het wild gedwongen was binnen de grenswallen te blijven. Wat later is het eveneens
prachtige sterrenbospatroon ontstaan, vooral goed beleefbaar midden op De Negen
Dreven
Flora en fauna
De natuurwerkgroep Liempde heeft onder andere de volgende vogels waargenomen:
bosuil, houtsnip, havik, kleine bonte specht, groene specht, zwarte specht, nachtegaal,
fluiter. Belangrijke plantensoorten in het gebied zijn slanke sleutelbloem, dalkruid,
welriekende agrimonie, veelbloemige salomonszegel, koningsvaren.
Tijdens de inventarisatie naar autochtone struik- en boomsoorten in 2007 ( "Oude Boskernen in Het Groene
Woud". )zijn hier ook bijzondere soorten aangetroffen zoals o.a.
de zeer zeldzame wilde mispel en de steel- of fladderiep. De aangetroffen Vlitroos op de
grenswal was een nieuwe soort voor Brabant. Het gebied is rijk aan diverse soorten
vleermuizen en naar verluidt wordt af en toe de prachtige kever Vliegend hert af en toe
waargenomen. De kans is groot dat hier de boommarter weer zijn jongen krijgt.
ACTUELE ZAKEN |
|
2003 |
NWG Liempde neemt het initiatief om een project op te zetten rondom autochtone bomen en struiken. Een aantal soorten (Zomereik, Zwarte Els) op Velder lijken zeker in aanmerking te komen. |
2004 |
NWG Liempde start opnieuw een Vogelinventarisatie op Landgoed Velder |
| 2007 | In 2007 wordt het NWG-project "Autochtone bomen en struiken in Het Groene Woud" uitgevoerd door o.a. N. Maes. Dit project behelst een uitvoerige inventarisatie. Binnen Nationaal landschap Het Groene Woud worden verschillende nieuwe soorten ontdekt (o.a. Viltroos). Ook op Landgoed Velder waren . |
| 2008 | In Januari 2008 wordt het resultaat van het project gepresenteerd in het rapport "Oude Boskernen in Het Groene Woud". Landgoed Velder komt zeer prominent naar voren met o.a. een aantal mooie fladderiepen op grenswallen van Velder |
| 2008 | Het "Innovatieplatform Duurzame Meierij"
is in samenwerking met de" Stichting Het Groene Woud in uitvoering" een
onderzoek gestart naar oude bossen en wallen in Het Groene Woud. Tot de onderzochte
objecten horen o.a. de wallen rondom Landgoed Velder. Op 7 november 2008 vindt de
presentatie plaats in Herberg "De Schutskuil" in Oirschot. prof. P. Jungerius,
Karel Leenders en N. Maes werken mee aan dit onderzoek. Dit onderzoek word waarschijnlijk verder verdiept in 2009 e.v. |
| ASPECT | INFORMATIE |
| ALGEMENE INFORMATIE | |
| Grootte | 180 ha waarvan 27 ha aan de oostzijde van de spoorlijn. |
| Planologisch | Streekplan & bestemmingsplan: Groene
hoofdstructuur / natuurkerngebied Ecologische Hoofdstructuur: Reservaatsgebied Waterbeleidsplan: Water voor de landnatuur |
ALGEMENE GESCHIEDENIS |
|
| Toponiem Velder |
Naam: afkomstig van veld: woest, onbebouwd,
ongecultiveerd. Laar: stuk in een boomrijk gebied of bos dat geleidelijk aan gebruikt gaat worden door mens en huisdier (eerste keer vernoemd als Vellaer in Bossche Protocollen 1382-1387 deel 1177, waarschijnlijk in 1384) (misschien eerder bekend als Ten Velde) In 1487 Veller genoemd. De namen Te Velde, Vellaer en Velder
hebben betrekking op hetzelfde goed in Liempde, dat tegenwoordig bekend staat als Velder. De hoeve en het omliggende bos was
eigendom van de kasteelheren van Boxtel. Het grensde aan het goed Heerbeek onder Oirschot
dat in het bezit was van de abdij van het Park nabij Leuven. De hoeve werd soms ook tot
Kleinder Liempde gerekend. Gezien de ligging op de grens van Liempde, Oirschot en Boxtel
is dat niet vreemd. Waarschijnlijk was het gehucht Kleinder Liempde zelfs dichterbij dat
de kapel van Sint Jan die in Liempde aan de Dommel stond. Het goed Ten Velde wordt in 1368
al genoemd. De hoeve werd aan het einde van de 14de eeuw in erfpacht uitgegeven
door Dierck Buc, zoon van Godescalk van der Sporct en diens zoon Hendrik Dierck Buc. Voor beschrijving van de Liempdse toponiemen zie: "Liempdse Contreien in Naam door de Eeuwen heen" (2002) door G.A. Beelen |
| Eigenaars | 1384: Lambert van Ertbruggen 1391: als Heerlijkheid uitgegeven door Hertogin Johanna aan Ridder Willem van Merheim, Heer van Boxtel. 1487: Heer Hendrik van Ranst, Heer van Boxtel (+ 1497) 1630: Ambrosius van Horne (+1659) tot 1834: Anne Adolphe Mark Willem Baron de Senerclens de Grancy. 1834-1851 Johannes Mathias Diepen uit Tilburg & Henry Rouppe van der Voort In 1851 gekocht door wijnhandelaar Jan Francis van Boeckel van Rumpt (*1803, +1870). Het landhuis werd gebouwd door zijn weduwe Thresia Arnoldina Antonia van der Heijden (*1818, 1886). en hun zoon, Adrianus van Boeckel van Rumpt (*1860, +1909). Huidige eigenaars: Familie van Boeckel. |
| bewoning /huizen | 1625: Hoeve in Vellaer aanwezig
(sijnde eene seer schoone ende groote hoeve in een stuck aende anderen geleghen ende
met een walle omcingelt, consisterende principaelijck in heide ende
weijde ende houtwassche) (Huisarchief Stapelen 176) rond 1800: Velderhuis was een herberg (W. Heesters). Dit huis was gelegen tegenover Huize velder. Topografische kaart 1837: 1 huis (ook Veldershuis genoemd) Topografische kaart 1867: 1 huis 1878: (Velderseweg 14) Bouw landhuis door familie van Boeckel. (park ontworpen door Bossche architect Maréchal) Onderstaande woningen zijn (gedeeltelijk) van eigen stenen uit de steenoven: Velderseweg 7: 1895 Velderseweg 17: 1887 Velderseweg 25: 1875-1900 Velderseweg 27: na 1878 (met balken uit Oirschotse kerk? (1904) (restauratie gepland?) |
| ABIOTISCHE INFORMATIE LANDGOED VELDER | |
| Bodem | ged. Beekeerdgronden: lemig fijn zand ged. Humuspodzolgronden: Leemarm en zwak lemig fijn zand ged. Gooreerdgronden: lemig fijn zand (met oude klei tussen 40 en 120 cm en tenminste 20 cm dik) |
| Geomorfologie | Relatief laaggelegen vlakte van ten dele
verspoelde dekzanden De Veldersewal kent een dekzandrug. Ten zuiden van Landgoed Velder is geomorfologisch een beek te herkennen. |
| Hydrologie | Grondwatertrappen: III en V* (relatief nat) Zuidelijk gedeelte : III (nat) Een gedeelte van het water van Landgoed Velder en het gedeelte ten oosten van de spoorlijn stroomt momenteel via de Grote Waterloop naar de Dommel. Het overgrote deel watert naar het zuiden af via de Velderse loop (begin 19e eeuw ook Groote waterloop genoemd) tussen Heerenbeek en landgoed Velder en stroomt o.a. via de Heerenbeekloop en het Smalwater (= Beerze, = Kleine Aa) naar de Dommel. |
| Hoogteligging | Ongeveer 1 meter lager dan Heerenbeek
(11.00-10.00 m NAP) Laagste punt 9.55. Hoogste punt 10.38 Toponiemen die hoogteligging aanduiden: Wolfskuilen Eerste & tweede & derde rietvak Brede sloten Varkensbult |
BIOTISCHE INFORMATIE LANDGOED VELDER |
|
| ouderdom bossen | 1487: (Bossche Protocollen) wordt van t
woud Veller gesproken. Dit duidt in ieder geval op onontgonnen woest terrein. Een
gedeelte zal zeker bestaan hebben uit bos. 1625: betr. hoeve in Vellaer: consisterende principaelijck in heide ende weijde ende houtwassche.( het gaat hierom een gedeelte van het huidige landgoed Velder: de grootte werd in 1625 aangeduid als: groote halve ure qualijcken caen omgaen) 1630: Willem Michiels Verbeek ende Gysbert Anthoniss houtcoopers oversien ende gheestimeert hebbende het opgaende eyckenhout hebben gedeponeert t selve weert te wesen vyfftich duysent guldens verclarende het ander opgaende hout oyck etterlycke duysenden oyck t impetereren Begin 17e-eeuw is er dus sprake van bossen (uit eikenhout bestaande) afgewisseld met weilanden en heide. Gezien de waarde is het eikenhout opgaand en is er een duidelijke bosstructuur aanwezig. Het is niet aannemelijk dat er op dat moment al een landgoedstructuur aanwezig was. Landgoed Velder / Veldersch Bosch is waarschijnlijk later in de 17e-eeuw (Renaissance) ingericht als landgoed, daar de meeste landgoederen met deze typische lanenvorm, in de 17e-eeuw ontstaan zijn (uit: Historia Forestis deel 2 hfd. 7.2.; J. Buis, Utrecht 1985). Bij de toenmalige aanleg waren hier waarschijnlijk al bossen aanwezig. In de Historische Geografie van Midden- en Oost-Brabant, welke in 1993 verschenen is wordt op kaart 1 (blad 2) en kaart 2 (blad 4) ook duidelijk de hoge ouderdom van Veldersch Bosch aangegeven. In de studie zelf zegt Chris de Bont over het Veldersch Bosch: ...zo vormde het oorspronkelijk geometrisch aangelegde sterrenbos het Veldersbosch in de gemeente Liempde, waarvan restanten van deze aanleg tot op heden bewaard zijn gebleven, in de 18e eeuw het grootste aaneengesloten boscomplex in de Meijerij van s-Hertogenbosch (blz. 125). Ook volgens de studie Bosgeschiedenis en Bostypen van Midden Brabant door A. Van Hees en J van den Wijngaard; rapport "De Dorschkamp" Wageningen nr. 98, 1976' bestaat Landgoed Velder al van voor 1800. Dit komt overeen met de informatie op de kaart van Hendrik Verhees (1794) daarop is de lanenstructuur van het landgoed al aanwezig. De dikste bomen (Zomereik) meten tussen 300-330 m omtrek, dit duidt op een minstens 250-jarige leeftijd (1750), deze bomen zijn waarschijnlijk door natuurlijke verjonging ontstaan en bezitten dus belangrijk genetisch materiaal. Toponymen met bosbetekenis: Het goed gedijen van de geplante fijnsparren werd door boomkenners destijds uitgelegd als een kenmerk van een oud bos. In verse grond gedijen fijnsparren slecht en krijgen vlug bep. Ziekten (vuur-hartrot) (MM; FvB) |
| Belangrijke vogels | In het KNNV-Blad Natura
(1937) meldt prof. H. van Iersel al de Wespendief in "het VelderschBosch"
onder Liempde inventarisatie 1995 (NWG Liempde) inventarisatie (1990 door Ongenae) Bijzondere waarnemingen (fam. van Boeckel) In 1998 heeft een Grauwe Klauwier gebroed en 3 jongen gehad aan de Steegstraat (Velder-Noord) |
| Belangrijke zoogdieren | Vleermuizen: Watervleermuis, Baardvleermuis, Grootoorvleermuis, Dwergvleermuis, Ruige dwergvleermuis, Rosse vleermuis, Laatvlieger Muizen: Overig: (Over herintroductie van de Boommarter wordt momenteel (2008) druk nagedacht, het bosgebied van Velder is zeer geschikt voor deze martersoort) |
| Belangrijke plantensoorten | Slanke sleutelbloem, Dalkruid, Welriekende Agrimonie, Veelbloemige salomonszegel, Koningsvaren, Haagbeuken (dikste omtrek 210 cm), Zwarte Elzen (zeer oude ex.), Kleinbladige Linde, Zomereik (omtrek 290 cm ; 325 cm; 330 cm; 325 cm; 310 cm; 300 cm), Abeel (60-70 jaren oud), Suikeresdoorns (laantje: max. 45 jaren oud), Fladderiep. |
| Historie natuur | Wolven: 1644: Liempde had veel last van wolven. Op 22 juli is samen met de aanpalende dorpen een wolvenjacht georganiseerd. De deelname aan deze klopjacht (met wolfsnetten) was niet vrijblijvend., Francis Janssen Neutkens en Hendrik Jan Dielissen vingen op 23 en 24 juli 1754 zes jonge wolven bij Heerebeek, deze wolven zullen ook zeker Velder als jachtterrein gehad hebben. Dezelfde Francis Janssen Neutkens ving op 6 augustus 1756 twee halfwas wolven bij hoeve Heerebeek. Ook in de Mortelen werden door Adraen Lamberts van der Heiden op 26 juni 1763 vier wolven gevangen. Vogels:In de zeventiger zestiger jaren heeft in de loop een Ijsvogel gebroed. Deze ijsvogel viste op de gracht rond huize Velder en op het water bij Huize Heerenbeek. Wordt soms nog waargenomen. Begin jaren zeventig broedde de Kerkuil regelmatig in het torentje op Huize Velder. Ook werd het koetshuis vaak als roestplaats gebruikt. Midden jaren tachtig is door Jan van Diermen een Sperwerplukrest gevonden van een Appelvink. Sinds 2006 worden ook territoria gevonden van de Middelste Bonte Specht. |
| Planten-systematiek: (uit: Vegetatiekundige kartering van Midden Brabant door J Brounen e.a.) |
Landgoed Velder is een bos van het
Elzen-Vogelkersverbond (38Aa Alno-Padion) (= 38 Eiken
-Beukenklasse, 38A Beuken orde) met elementen uit bossen van het
Haagbeukenverbond (38 Ab Carpinion Betuli). Een eikenbos uit het elzen-vogelkersverbond komt voor op voedselrijke mineralen gronden met een hoge, wisselende grondwaterstand. Kenmerkende soorten zijn Zomereik, Schaafstro, Aalbes, Vogelkers, Bosandoorn en Grauwe Els. De in het Veldersch Bosch aanwezige elementen uit het Haagbeukenverbond zijn Haagbeuk, Beuk en Kleinbladige linde. Binnen deze verbonden zijn op Landgoed Velder nog de volgende typen te
onderscheiden: |
| boswaardering (uitgevoerd door NWG in 1992) (max. 10 punten) |
Steegstraat : (buiten eigendommen van Boeckel)
5,8 ; 6,9 Noordzijde Landgoed: 5,6 Zuidzijde Landgoed: 9,2 (Opname 9,2: 6-8 grootteklassen; 3 bomen > 220cm; 2 bomen 200-220 cm) |
| ecologische waardering | RNV-kaart (1993): Bossen en struwelen van hoge natuurkwaliteit |
CULTUURHISTORIE LANDGOED VELDER |
|
| Sterrenbos | Stijl: Renaissance (17e / 18e
eeuw) Verzameling van lanen die met elkaar verbonden zijn volgens een bepaald patroon en/of op een centraal punt bij elkaar komen. Doel: Meestal is een vijver het middelpunt en wordt het bos doorsneden door 8
lanen (velder: 9) |
| Bijzonderheden: | schat Kreemershoek grens (dubbele sloten) tussen Heerenbeek-Velder (of Liempde-Oirschot) Zilvervossenkwekerij (begin 1930) |
| Relictenkaart | oud bos (ontstaan voor 1840) wegen (ontstaan voor 1840) |
| Andere toponymen | Kreemershoek (spoken), Koperbos (waar koper
was verstopt in WOII), Steenoven, Bogt, Kalverliefde, Huisplaats, Manege, Paardsweiden,
Haverstrepen, Negen dreven, Vossenvak, Vinkennest, Verbrand (door vonken van
stoomtreinen?), Goede drift, Velderse wal (Begrenzing gebied tussen Hollands Diep en het
Veldersch Bosch.) Voor beschrijving van de Liempdse toponiemen zie: "Liempdse Contreien in Naam door de Eeuwen heen" (2002) door G.A. Beelen |
| Velderseweg | oorspronkelijk weg van Boxtel naar Oirschot, ook wel Veldersedijk genoemd. |
DIVERSEN LANDGOED VELDER |
|
| Beheer | graven van sloten: na 1841 planten van Fijnspar: eind 19e eeuw? Planten van populieren: tweede helft 20e eeuw op voormalige weilanden |
| Milieusituatie | Verdroging: lagere grondwaterstand verdwijnen diepe & ondiepe kwel (zie hydrologisch rapport EHS-gebied Beerze-Reusel) Verzuring: door zure neerslag & verdwijnen kwel Vermesting: via zure neerslag en lagere grondwaterstand Versnippering: door verdubbeling spoorlijn |
Deze pagina is een onderdeel van de home-page van Ger van den Oetelaar, Engelie van der Pas en Antiquariaat Duthmala. Op deze home-page wordt aandacht geschonken aan de genealogie 'Van den Oetelaar', aan diverse bidprentjeverzamelingen, aan de Liempdse natuurgebieden Scheeken, Geelders, Dommel en Dommeldal, Landgoed Velder (Veldersch Bosch) en aan een aantal cultuurhistorische zaken rondom Liempde. Antiquariaat Duthmala heeft de volgende specialisaties: Topografie Brabant (Brabantica), Religie (Hagiografie en Abdijen) en Landbouwhuisdieren.